OHNE toetst elk product aan drie principes
Enige Belgische nominatie voor EU Organic Awards

OHNE was over alle categorieën heen de enige Belgische genomineerde voor de EU Organic Awards en behoorde tot de drie kanshebbers voor Best Organic Food Retailer. De Vlaamse winkelcoöperatie nam het op tegen de Hongaarse digitale biomarktplaats ÖkoPiactér en het Duitse Boßhammersch Hof, dat uiteindelijk de award won. Voor OHNE blijft de nominatie een bijzondere Europese erkenning.
Combinatie van drie principes
De Europese nominatie levert de coöperatie ook extra zichtbaarheid op. “Wij zijn een kleine retailer en staan zelf nog elke dag in de winkel. Wanneer er een artikel verschijnt, zit mijn mailbox meteen vol met vragen van leveranciers. Bij klanten zal het effect wellicht trager komen, maar elk moment waarop mensen over OHNE horen, helpt,” zegt Sophie Deren die samen met haar zus Emmanuelle OHNE oprichtte. Samen zijn ze zaakvoerders zijn van OHNE Gent.
“Klanten zeggen soms dat ze hier niet hoeven na te denken. Ze vertrouwen erop dat wij de beste optie binnen ons verhaal hebben gekozen”
De kracht van OHNE zit volgens Sophie in de consequente combinatie van drie principes: biologisch, lokaal en verpakkingsvrij. “Veel winkels zetten in op één of twee van die pijlers. Wij proberen ze voor elk product samen te brengen.”
Die drie pijlers bepalen wat wel en niet in de rekken ligt. OHNE verkoopt uitsluitend vegetarische producten, volgt voor groenten en fruit zoveel mogelijk de seizoenen en beperkt bewust het aantal keuzemogelijkheden. “Klanten zeggen soms dat ze hier niet hoeven na te denken. Ze vertrouwen erop dat wij de beste optie binnen ons verhaal hebben gekozen.”
Houdbaarheid goed opvolgen
Verpakkingsvrij winkelen vraagt vandaag minder uitleg dan bij de start in 2015. Klanten herkennen de silo’s inmiddels en begrijpen sneller dat ze zelf een verpakking kunnen meebrengen. Toch blijft de voorbereiding van een winkelbezoek een drempel. OHNE probeert die weg te nemen met een retoursysteem: de winkels wassen de herbruikbare potten nadien af. “Klanten verontschuldigen zich soms als ze hun verpakking vergeten zijn. Dat hoeft niet. We willen ons principe bewaken, maar tegelijk commercieel en gastvrij blijven.”
Niet elk product leent zich even gemakkelijk tot verkoop in bulk. Noten, havermout en muesli zijn de evidente succesnummers: ze zijn lang houdbaar en gemakkelijk te doseren. Natte en verse producten vragen meer opvolging. Toch groeide het aanbod verse spreads in tien jaar van enkele soorten naar een tiental. “De vraag is er, maar je moet de houdbaarheid goed opvolgen en helder communiceren.”
Verpakkingsvrij begint bij de leverancier
Het leveranciersnetwerk groeide via persoonlijke contacten. Intussen vinden producenten ook zelf de weg naar OHNE. Vooral de combinatie van lokaal en biologisch maakt een product interessant. OHNE bekijkt ook hoe het wordt aangeleverd en of de verpakking kan worden hergebruikt.
De korte keten maakt bijzondere afspraken mogelijk. Koffie en granola worden bijvoorbeeld in herbruikbare emmers aangevoerd en andere producenten leveren met de bakfiets. “Zo ontstaat er tussen producent en consument nauwelijks afval. Dat lukt niet voor het volledige assortiment, want we werken ook met groothandelaars. Ook daar zoeken we naar producten waar we achter staan en die in grote verpakkingen kunnen worden geleverd.”
Een lokaal product kan duurder zijn dan het alternatief. Die meerwaarde moet duidelijk zijn. OHNE belicht de herkomst in nieuwsbrieven en op sociale media, maar wil die informatie ook op de winkelvloer zichtbaarder maken.
De korte keten maakt bijzondere afspraken mogelijk. Koffie en granola worden bijvoorbeeld in herbruikbare emmers aangevoerd en andere producenten leveren met de bakfiets
Biologische producten zijn doorgaans duurder dan niet-biologische alternatieven. Toch is volgens Sophie niet elk product bij OHNE duurder dan de biologische variant in de supermarkt. De winkel houdt de marge op basisproducten zoals groenten en havermout bewust lager en rekent meer marge op luxeproducten zoals chocolade. “Prijs blijft belangrijk, maar veel klanten betalen bewust iets meer voor smaak, kwaliteit en herkomst.”
Vijf winkels, één gezamenlijke pot
Ook het coöperatieve model onderscheidt OHNE van een klassieke winkelketen. De afspraken lijken op die van een franchiseformule, maar het geld stroomt niet naar een afzonderlijke franchisegever. De vijf winkels (OHNE Gent Steendam, OHNE Gent Koningin Elisabethlaan, OHNE Zwalm, OHNE Nevele en OHNE Merelbeke) dragen 2,5 procent van hun omzet af aan een gezamenlijke pot. Daarmee betalen ze onder meer marketing, communicatie en coördinatie.
Een centrale voorraad maakt bestellingen mogelijk waarvoor één winkel te klein is. De winkels bundelen hun volumes om betere voorwaarden te verkrijgen. Eén collega verwerkt de prijswijzigingen voor alle gezamenlijk aangekochte artikelen.
De winkelverantwoordelijken wisselen maandelijks cijfers en ervaringen uit. Het overleg is tegelijk een klankbord
Toch behouden de winkels hun autonomie. De vestigingen in Zwalm en Nevele werken deels met andere bakkers, boeren en producenten dan de Gentse winkels. Zolang de keuzes binnen de drie pijlers passen, is een gezamenlijke leverancier niet verplicht. “Zelfs onze twee winkels in Gent verkopen opvallend verschillend. Brood loopt veel beter aan het station, terwijl in onze andere winkel meer noten worden gekocht.”
De winkelverantwoordelijken wisselen maandelijks cijfers en ervaringen uit. Het overleg is tegelijk een klankbord. “Een kleine winkel runnen brengt veel werk en stress mee. Wanneer het in de zomer plots kalm is, helpt het om te horen dat collega’s hetzelfde meemaken.”
Rendabel worden vraagt tijd
Ook voor OHNE vormen personeel en huur de zwaarste kosten. Vooral tijdens de zomermaanden kan een omzetdip de cashflow onder druk zetten.
De ervaring van vijf vestigingen helpt om nieuwe plannen realistischer te beoordelen. OHNE weet intussen welke omzet een winkel nodig heeft en welke huur haalbaar is. Toch blijft de instap zwaar. “Wie zonder financiële reserve begint, schrikt wanneer we de cijfers tonen. Je moet bereid zijn om de eerste drie jaar veel te werken voor weinig loon.”
In de best draaiende Gentse vestiging ligt de maandomzet volgens Sophie rond 50.000 euro. De tweede Gentse winkel haalt dat niveau nog niet. Het model is dus niet eenvoudig op te schalen. Een geschikte ondernemer, voldoende klantenpotentieel en een lokaal producentennetwerk blijven bepalend. De coöperatie zoekt momenteel niet actief naar kandidaat-winkeliers.
Ook derving vraagt dagelijkse aandacht. OHNE bestelt meerdere keren per week, prijst producten tijdig af en biedt overschotten aan via initiatieven tegen voedselverspilling.
Bulk alleen volstaat niet
Experimenten van klassieke supermarkten met verpakkingsvrije producten hebben volgens Sophie ook een voordeel: consumenten leren er de silo’s kennen. Daardoor verdwijnt een drempel wanneer ze later bij OHNE binnenstappen. Wie het concept wil testen, begint volgens haar het best met lang houdbare producten zoals havermout of noten.
Een paar silo’s plaatsen garandeert echter geen succes. Wanneer hetzelfde product ernaast verpakt in het rek ligt, kan de bulkvariant onvoldoende verkopen. Dan neemt de versheid af en dreigt verspilling. Verpakkingsvrij betekent bovendien niet automatisch goedkoper: ook het systeem, de hygiëne en de opvolging kosten geld.
Bij OHNE is de verpakking daarom maar één onderdeel van het model. Het onderscheid zit in de samenhang tussen assortiment, leveranciers, logistiek en prijsbeleid. “Mensen komen naar ons omdat ze goede producten willen en willen weten wie ze heeft gemaakt. Samenwerken met de beste bakker of producent uit de buurt kan ook voor andere kleine retailers een sterk onderscheid vormen.”